25 jaar GRB, op een solide basis kun je bouwen
Vlaanderen viert 25 jaar GRB. Een welverdiende proficiat!
Het Grootschalig Referentiebestand, ook gekend als de Basiskaart Vlaanderen, blaast 25 kaarsjes uit. Voor Digitaal Vlaanderen is dit een mooie mijlpaal om even achterom te kijken: van de eerste stapjes, over de groeipijnen, tot de volwassenheid die het product vandaag bereikt heeft. En het verhaal is nog lang niet ten einde – de toekomst ziet er veelbelovend uit.
Het volledig artikel van Digitaal Vlaanderen over 25 jaar GRB en de Lessons Learnt lees je hier.
Het GRB is geëvolueerd van een concept dat ontstond uit nood aan harmonisering tot de ruimtelijke referentiekaart van Vlaanderen. Het vormt bovendien een sterk voorbeeld van hoe kosten en inspanningen kunnen worden gedeeld tussen nutsmaatschappijen en verschillende overheden (Vlaanderen, provincies en gemeenten). Gemeenten dragen weliswaar niet financieel bij aan het onderhoud, maar ze hebben wel de belangrijke taak om afwijkingen te melden. Op die manier blijven de gegevens actueel – een inspanning die minstens even waardevol is.
Tot slot is het GRB ook een landmeetkundig huzarenstukje. Wie daar eens dieper wil in duiken, kan de skeletbestekken voor landmeters raadplegen. Elk kaartobject staat daarin gedetailleerd omschreven: de definitie, attributen en toleranties. Dat is noodzakelijk voor een uniforme structuur en om overal dezelfde nauwkeurigheid te behalen.


Grootschalig en gebiedsdekkend
Grootschalig betekent in deze context dat de kaart met een relatief hoge nauwkeurigheidsgraad bruikbaar is tot op een grote zoomschaal (vb. 1/1.000). Dit in tegenstelling tot klein- en midschalige kaartlagen.
Het heeft tot 2013 geduurd vooraleer het GRB voor het eerst gebiedsdekkend beschikbaar was voor alle – toen nog 308 – Vlaamse gemeenten: van De Panne tot Voeren. Kenmerkend voor Vlaamse datasets – en dus ook voor het GRB – is het gat in de kaart ter hoogte van het Brussels Gewest. De Brusselse variant van het GRB is terug te vinden in UrbIS.
Het was eveneens in 2013, bij de oplevering van de laatste gemeenten, dat de verplichting in voege kond treden om het GRB te gebruiken als basis bij de uitwisseling van kaartgegevens tussen overheden, zoals gestipuleerd in het GRB-decreet (2004).
Percelen, percelen en nog eens percelen
Het GRB bevat veel kaartobjecten, maar in tal van gemeentelijke processen zijn vooral de percelen- en gebouwenlagen cruciaal. De ADP-laag (Administratieve percelen) van het GRB werd voorafgegaan door een hele historiek aan kadastrale percelenplannen : KADSCAN (2002-2004), KADVEC (2004-2005), CADMAP (2006-2017). Elk met hun eigen specificaties. CADMAP werd lange tijd als standaard gebruikt door GIS-Vlaanderen, tot op het moment dat het ‘uniek percelenplan’ in het GRB werd geïntegreerd. Voor de volledigheid vermelden we ook CadGIS (van FOD Financiën, AAPD) dat vanaf 2012 beschikbaar was en sinds 2023 bij Digitaal Vlaanderen werd uitgefaseerd, maar nog steeds via AAPD raadpleegbaar is.
Nog vóór het GRB bestonden er in West-Vlaanderen al initiatieven zoals KADSCAN GisWest (vanaf 1996), gevolgd door het WPB (West-Vlaams Percelenbestand). Gemeenten betaalden mee in de aanmaak van het percelen- en gebouwenbestand, en hadden ook controle over de bijhouding ervan. De basis van het WPB was in veel gevallen de CARDIB-kaart van Electrabel, die een hogere nauwkeurigheid kende dan de eerste generatie GRB’s. Dat zijn de drie belangrijkste redenen waarom het lang duurde vooraleer ook de laatste West-Vlaamse gemeente het GRB als ondergrond wou gebruiken.
Rust in de kaart
Een begrip dat niet mag ontbreken in een hommage aan het GRB is ‘rust in de kaart’. De kadasterkaart werd jaarlijks topografisch verbeterd, wat uiteraard positief is. Op termijn leidde dit echter tot zeer kleine correcties over grote delen van het grondgebied. Voor gemeentelijke GIS-verantwoordelijken betekende dit een sisyfusarbeid: gemeentelijke kaartlagen, gebaseerd op de ADP, moesten elk jaar opnieuw worden gecorrigeerd naar een licht gewijzigende ondergrond. De ‘rust’ komt erop neer dat perceelsgrenzen ongewijzigd blijven zolang ze binnen bepaalde toleranties vallen (< 1 meter in stedelijk gebied, en < 2.5 meter in landelijk gebied).
De continue kaart
In de beginjaren kende het GRB jaarlijks één grote bijwerking en release per gemeente. Die upgradefrequentie werd gaandeweg opgedreven naar twee, drie en zelfs vier releases per jaar.
Vandaag zijn er dagelijks wijzigingen aan het GRB. Die continue bijwerking wordt rechtstreeks ontsloten via verschillende geoloketten en services. Veel gemeenten voorzien daarom een wekelijkse, actuele download van het GRB in hun dataflows.
Daarnaast bestaat er ook de jaarlijkse ‘bevroren toestand’ ADPF (Administratieve Percelen Fiscaal) zijnde de percelensituatie op 1 januari van het desbetreffende jaar.


Afbeeldingen uit ‘Wegwijs met GIS in uw gemeente’ (Margo Swerts, VVSG, Politeia, 2003)
Toekomst
Ondanks het indrukwekkende palmares en de kaarsjes op de taart blijven er voor de nabije en verdere toekomst enkele belangrijke uitdagingen :
- Verdere opsplitsing van het openbaar domein, van lijnenkaart naar betekenisvolle vlakindeling
- fiets- en voetpaden
- parkeerstroken
- groenvakken
- integratie van onverharde wegen in het GRB
- missing links in de zachte mobiliteit
- recreatie
- ruimtelijke ordening
- opbouwen van een historiek
- teruggaan in de tijd : vb. geef het GRB van 1/01/2014
- Waar vind je het archief van de kadastrale percelenplanen sinds KADSCAN ?
“Het GRB en Geopunt zijn horizontaal geïntegreerd in de werking van alle afdelingen van de intercommunale”
Ook bij WVI
Ook bij WVI wordt het GRB intensief ingezet binnen mobiliteit, ruimtelijke planning en projectontwikkeling. De basiskaart is niet meer weg te denken uit de dagelijkse werking, samen met de orthofoto’s en thematische kaartlagen van de Vlaamse overheden.
Waar plannen vroeger startten met het tijdrovend overtekenen van de papieren kadastrale plannen op kalk, en later met het manueel digitaliseren van gescande kaarten naar CAD/GIS, krijgt vandaag vrijwel elke studie een vliegende start. Dat is te danken aan de directe beschikbaarheid en betrouwbaarheid van de GRB-services als gemeenschappelijke ruimtelijke referentie.
In de uitwisseling met gemeenten en andere overheden is er geen discussie meer over welke grootschalige basiskaart de beste is. Het GRB is the one to rule them all !



0 reacties